Meerkamptitel voor Van Pol en Deurloo

Na een spannende strijd ging de meerkamptitel in een goed gevuld Ahoy naar Vera van Pol en Bart Deurloo.

Bij de dames was het Vera van Pol die met 52,00 punten de meerkamptitel opeiste. Die titel heeft ze te danken aan haar sprong. Direct bij het eerste toestel pakte ze ruim 1,300 voorsprong op Céline van Gerner. Bij brug en balk snoepte Van Gerner telkens iet van die voorsprong af. Op vloer pakte zelfs een half punt terug. Maar Van Pol bleef uiteindelijk met een klein verschil (0,277) voor Céline van Gerner (51.733). Het brons werd opgeëist door Tisha Volleman (50,366). Voor Van Pol was het haar derde Nederlandse meerkamptitel. De turnster van Topsport Noord won ook in 2013 en 2015.

Céline van Gerner turnde voor het eerst sinds de Olympische Spelen in Rio de Janeiro weer een volledige meerkampwedstrijd. De tweevoudig Olympiër deed dat vrijwel foutloos en plaatste zich op balk en vloer zelfs als tweede voor de toestelfinale.

Tisha Volleman, die in 2017 Nederlandse kampioen was, ging op balk twee keer in de fout en zag de titel aan haar voorbij gaan. Op vloer plaatste Volleman zich wel als eerste voor de finale. Elze Geurts was tijdens de kwalificaties de beste op sprong, terwijl Olympisch kampioene Sanne Wevers zich op balk met 13,467 punten als eerste voor de finale plaatste.

Vijf maal Bart Deurloo

Ook bij de heren was het spannend tot het laatste moment. Na vier toestellen stond Casimir Schmidt nog aan de leiding. En na vijf toestellen had Deurloo een kleine voorsprong op Frank Rijken en Casimir Schmidt.

Ondanks een val op voltige en een misser op sprong was het toch Deurloo die er na een sterk slotstuk aan rekstok met de meerkamptitel vandoor ging. Met 82,600 punten hield hij Frank Rijken (81,150) en Casimir Schmidt (80,334) uiteindelijk voor. Deurloo was in 2012, 2014, 2016 en 2017 ook al de beste in de meerkamp.

Deurloo wist ook op vijf van de zes toestellen (vloer, voltige, ringen, brug en rek) een finaleplek te veroveren. De nummer twee uit de meerkamp, Frank Rijken, bleek tijdens de kwalificaties de sterkste op brug. Casimir Schmidt zette op vloer de beste score neer, terwijl Epke Zonderland de concurrentie voorbleef aan rekstok.

Anthony van Assche (ringen), Boudewijn de Vries (voltige) en Glenn Smink (sprong) waren op de andere drie toestellen de sterksten.