Geen klik met je coach

Je kind turnt in een van de hoogste divisies. Wekelijks brengt hij of zij daarom heel wat uren door met de coach. De trainer heeft dus een grote invloed op jouw zoon of dochter. Helemaal niet erg als de relatie goed is en beide partijen elkaar aanvoelen. Maar soms klikt het niet tussen turn(st)er en coach. Wat dan?

Eerder gepubliceerd in Turnsupporter 62, december 2017

 

In al die jaren dat mijn dochter Eva nu turnt, heeft ze verschillende coaches zien komen en gaan. Altijd paste ze zich vrij snel aan. Tot die keer dat de coach waar ze dol op was afscheid nam en er een nieuwe op haar groep werd gezet. De opvolgster was aardig en gemotiveerd, maar toch bleek al vrij snel dat er iets miste. Eva ging minder graag naar de trainingen en maakte nog maar weinig vorderingen. Ze had geen klik met haar nieuwe coach.

Eigenlijk is het best lastig aan te geven waarom het plots niet goed werkt met een bepaald persoon. Er hoeft geen sprake te zijn van ruzie en de desbetreffende persoon is ook niet per se een vervelend iemand. Soms is het een gebrek aan vertrouwen, of een gemis aan leservaring waarom het minder lekker loopt. En moet je je daar dan als ouder meteen mee bemoeien of het toch een tijdje aanzien en het allereerst je kind zelf laten oplossen? Ook Jessica (36) heeft een dochter (Instap N1) die geen klik had met haar coach. ‘Ze wilde helemaal niet meer turnen en kwam huilend thuis.’ Ze is samen met haar dochter en de trainer in overleg gegaan. ‘Die gesprekken hebben goed geholpen. Gelukkig gaat ze nu weer met plezier naar turnen.’

Maar soms leidt praten tot niets. Dat ondervond Lynn (36). ‘Mijn dochter (Pupil 1 D1) is overgestapt. Met dreigementen probeerde de trainster haar dingen te laten doen die ze eng vond. Ze moest net zo lang in de turnzaal blijven tot ze een element gedaan had. Tot huilens toe.’ De club begreep Lynns besluit om te kiezen voor een andere club “heel goed”. ‘Ook zij hebben inmiddels afscheid genomen van deze coach,’ vertelt ze. ‘Jammer genoeg heeft mijn dochter wel een flinke deuk in haar zelfvertrouwen opgelopen.’

Volgens Gitte (45), moeder van twee turnende kinderen én turncoach, kan het gebeuren dat er geen klik is. ‘Maar dan hoor je je als coach professioneel op te stellen en gewoon alles uit de kast te halen om het te laten slagen.’ Zij heeft met haar jongste dochter (Pupil 2 N1) meegemaakt dat de relatie met haar trainers juist te goed was. Dus toen zij vertrokken naar een andere club, twijfelde haar dochter geen moment en ging ze mee. ‘Het zijn supercoaches die haar in één jaar tijd van D1 naar N1 niveau wisten te krijgen,’ vertelt ze. ‘Ik heb zelden zulke toegewijde trainsters gezien. De manier waarop ze met mijn kind omgaan, is zo fantastisch.’ Momenteel coacht Gitte zelf haar oudste dochter (senior). ‘Soms moet ik daarbij wel eens opletten dat ik niet extra streng voor haar ben,’ geeft ze toe. ‘Maar verder is het voor ons inmiddels een normale situatie en probeer ik ieder kind zo gelijk mogelijk te behandelen. Vroeger heb ik zelf training gehad van mijn vader en ik heb dat altijd als leuk ervaren.’ Ze vertelt dat ze destijds door haar turnvereniging is gevraagd, omdat er een tekort was aan trainsters.

Dat laatste is een probleem waar meer clubs tegen aan lopen. Ook bij onze vereniging is het opvullen van een vacature vaak niet eenvoudig. Turncoach is een mooie baan. Maar het is ook een veeleisende job, vooral in het wedstrijdseizoen, met name als je de jongens en meiden in de hoge divisies traint. Of zoals een voormalig coach van Eva ooit tegen me zei: ‘Eenmaal in de puberteit komen ze ook bij me als er weer eens liefdesproblemen zijn en voor ik weet al niet meer.’ Als ik iets heb geleerd de afgelopen acht jaar, dan is het wel dat je een goede coach moet koesteren.

Dat blijkt ook wel uit het verhaal van Moniek (40). Zij heeft een dochter die turnde in Jeugd 1 N2. Nadat zij was overgestapt naar een andere club was er eerst niets aan de hand, maar geleidelijk aan veranderde dat. Haar coach werd vaak boos op haar, er werden meiden voorgetrokken en hij zei dat haar dochter “de hele boel bij elkaar aan het liegen was”. Het meisje werd onzeker. Ze durfde er in eerste instantie thuis niets over te zeggen, omdat ze bang was voor de reactie van haar ouders. Ze ging steeds vaker met buikpijn naar de training. ‘Zoek een oplossing’, wil ook haar dochter heel graag aan iedereen meegeven. ‘Heb je ergens last van of zit je iets dwars, vertel het meteen aan iemand.’ Monieks dochter heeft nog wel een aantal gesprekken gehad met de coach, maar dat leidde helaas niet tot verbetering. Ze is inmiddels gestopt met turnen.

In Eva’s geval was ze niet de enige van haar groep die de klik miste. Mijn dochter en haar teamgenoten hebben het kunnen oplossen door middel van gesprekken met de coach en de club. Er is toen besloten om bij de start van het turnseizoen een extra trainer aan te nemen. Iemand die beter paste bij de groep. En zo turnt Eva nu nog steeds, én met plezier.